zaterdag 23 juni 2012

Het bronnenbad - II.


Het is zaterdag, de laatste dag deze week dat ik voor het kuuroord tai chi workshops verzorg. Het is regenachtig, bijna herfstachtig weer en ik voel me ondanks dat het nog vroeg is wat moe. Ik drink een koffie verkeerd, zwaai mijn armen in de rondte om een beetje los te komen en rits daarna mijn 'tent' in het park open, installeer de muziek, en zet wat stoelen binnen klaar en zet ook wat stoelen buiten. Zo, de voorbereidingen zijn klaar, nu nog wachten op de eerste gasten.
Eenmaal begon deze week de dag wat naar. Er kwam een groepje vrouwen binnen dat chagrijnig en bijzonder negatief was. Ze wilden graag wat uitleg, maar toen ik dat gaf en over balans en het belang van een positieve instelling sprak zei een van de dames: alsof het wat uitmaakt wat je doet! Waardoor ik een beetje onthutst was. Het gesprek ontspoorde toen ik zei: 'als je positief bent krijg je toch meestal positieve reacties terug? Als je glimlacht naar de bakker glimlacht hij meestal naar je terug, dat doet wat met je'.
'Ja, ik ga me daar toneelspelen', zei een ander bits, opstaand en de tent uitlopend. Al had niet iedereen zo negatief gereageerd liepen ze bijna allemaal weg, op een dame na, die nog even met me napraatte en zei dat ze niet kon geloven hoe negatief sommige mensen waren, en hoe veel baat zij had gehad bij tai chi oefeningen, en nog!
Dat sterkte me weer een beetje en ik ging direct aansluitend oefeningen doen met een ander groepje (goddank goedgehumeurde reumapatiënten) dat wat oefeningen buiten wilde doen.
Ondanks dat dit incident het enige negatieve moment is geweest van de week, had het me veel energie gekost en zat het me zelfs nu, aan het begin van de laatste dag nog een beetje dwars.

Terwijl ik nog wat stoelen verschoof hoorde ik achter me praten en toen ik me omdraaide zag ik een heel oud hoofdje om de rand van het nog niet helemaal opengeschoven tentzeil kijken. Een vriendelijk glimlachend gezicht met oude gele tanden. Ze zag er anders uit, met bril nu en gekleed in badjas maar ik herkende haar direct: gisteren ging ze kopje onder in het bubbelbad.
Hee, zei ik, ik stond gisteren naast u in het bubbelbad en even later ging u kopje onder! Ze knikt, zegt: 'ja, heeft u dat gezien? Ik ben er nog naar van'.
We praatten even met elkaar terwijl haar dochters, ook gekleed in badjas en met keurig geföhnde haren naar binnen stapten.
Ook de dochters mengden zich nu in het gesprek, vertelden dat ze toch wel erg geschrokken waren dat hun moeder opeens in het water verdwenen was. Uit het gesprek begreep ik dat hun moeder een pittige tante is, altijd geweest ook, maar de laatste tijd valt ze soms zomaar even weg. Helemaal van de wereld, en komt dan even later weer bij. Dat dat in het bad gebeurde, tja, daar zijn ze alledrie erg van geschrokken.
Ze vroegen wat ik in de tent te bieden heb en ik vertelde over mijn tai chi-workshops. Ik tipte kort de hoofdpunten aan van tai chi: vijf elementen, yin en yang, balans, soepeler oud worden en een kleinere valkans.
Ondertussen had ik allang gehoord dat de oudste vrouw erg hoog ademde, ze hoestte zodra ze wat bewegingen met haar armen maakte. Ja, ze zagen allemaal het belang in van ademhalings- en balansoefeningen en na de balans-test waarbij duidelijk wordt dat de dochters niet erg vast ter been zijn schoppen ze hun slippers uit en gaan direct proberen om anders te gaan staan, met ontspannen onderrug waardoor de knieën los worden. "Moeders" doet zittend mee.
Wij oefenden, praatten nog wat en wat later gaven ze me alle drie een hand en zwaaide ik ze uit. Door de dikke plastic ruiten van 'mijn' tent zie ik ze in de inmiddels doorgebroken zon rustig weglopen: de moeder op zachte wollige groenblauwe badslippers, scheef lopend, één schouder bizar hoog door de hier geleende kruk waaraan ze zo te zien veel steun ontleent.

Aangezien het nog wat stil was in het park ging ik wat later een rondje maken langs de andere tenten die opgesteld stonden in het park van het kuuroord. Daar vond ik de drie dames terug, heerlijk zittend in de loungestoelen van de tent waar gratis hapjes en drankjes te verkrijgen zijn. Ook ik neem een hapje, iets met perenmousse en een compôte van .... ik weet het niet meer maar het was lekker.
Ik ben om het hapje te nuttigen op het bankje gaan zitten waar de oude vrouw ook al zat en we raakten weer aan de praat. Over het leven, over ouder worden, over de schrik die ze gisteren had toen ze het gevoel even had dat ze zou verdrinken. Ik sta op om terug naar mijn tai chi-tent te gaan maar dan komt een van de dochters aanlopen en drukt me met een glimlach zowel haar moeder als mij een ijsje in de hand, waarop ik me overgeef en me nog even naast 'moeder' nestel.
Ze vraagt me of ik veel voldoening heb van de tai chi en of er veel belangstelling is. Nou, geef ik toe, hier in Groningen is tai chi erg onbekend, en ik kom soms zelfs tegen dat mensen er wat bozig over doen. Ik vertel over het incidentje, dat een boze vrouw me had toegebeten: ja ik ga me daar toneelspelen!
Dan zegt ze: weet je hoe dat komt? Dan heb je ze toch ergens geraakt, ze weet dat het waar is wat je zegt, en daar schrikt ze van, want als je met boosheid leeft is het verontrustend als je mensen tegen komt die op een andere manier leven.
Ik kijk haar aan. Haar oudheid is inmiddels finaal weggevallen. We zitten daar gewoon samen een ijsje te eten en ik weet: ze heeft gelijk. Dan stap ik op, geef haar een hand en zeg: dank je wel voor je wijze woorden en nog veel plezier samen met je dochters.
Jij ook bedankt, zegt ze.
Nou en of dat het uitmaakt hoe je mensen benadert, als die boze dames die van de week mijn dag verziekten zouden voelen wat ik nu voel, nou, dan dan dan ...... nee, ik laat iedere gedachte aan het gekibbel varen, het incidentje is voorgoed achter de rug. Ik zwaai terwijl ik terugloop naar mijn tent nog even naar Dickie, een vrouw die ik hier al sinds ik hier in het bronnenbad les geef diverse malen heb ontmoet. Een schat van een vrouw en ik zie dat ze me herkent, haar arm gaat omhoog, ze zwaait en glimlacht terug.



vrijdag 22 juni 2012

Het bronnenbad.




Terwijl ik in het bubbelbad hang dat midden in het bronnenbad gesitueerd is, die vreemde mengeling van metaalgeuren en zout opsnuif, mijn vermoeide hoofd voorzichtig losrol, me heen en weer laat schudden door de kracht van het water, zie ik dat een heel, echt heeeel oude vrouw geholpen wordt om tegen de druk van het fors bubbelende water het bubbelbad in te komen. Een ook al wat oudere vrouw helpt haar, trekt haar aan de hand vooruit. Het lijkt hen zwaar te vallen om door het water te waden. De oudste vrouw reikt met onzekere arm, raakt het stenen muurtje van het bubbelbad even aan, glipt weg maar weer reikt ze, grijpt, en dan trekt ze zich het bubbelbad in. Dan pas laat de andere vrouw los, drijft weg in het rustige omringende water om met een andere vrouw bij de massagestralen aan de rand van het kuurbad te gaan staan.

De oude vrouw en ik zijn de enige mensen die nu samen in het gebruis hangen. Een geur van oude mensen, muffe huizen komt boven de toch sterke geur van het bad uit. Ik kijk naar mijn buurvrouw, zie tussen haar oogleden fletse ogen die ooit blauw zijn geweest. De vrouw is erg oud, haar huid is grauw en zit vol ouderdomsvlekken, haar haren vertonen bizar genoeg toch nog wat zwart. 
Ik denk aan mijn moeder, zou ik het aandurven om haar hierheen mee te nemen? Die broze oudheid maakt me opeens droef, maar de vrouw naast me glimlacht met gele oude tanden en zegt voor zich uit terwijl ze zich aan de rand vastklampt: ah wat heerlijk, wat heerlijk. De geur van muf en oud is nu weggebubbeld. Dan zie ik dat haar te oude badpak de rek heeft verloren en het gebubbel slaat luchtbellen in de versleten stof waardoor ze er wat bloter bij komt te zitten dan de bedoeling is. 
Dan komt de vrouw die haar het bad in geholpen heeft terug en werkt zich nu ook het bubbelbad in. Ik schuif een beetje op, schat haar in het voorbijgaan rond de 65 en ik begrijp uit het gesprek dat de oude vrouw naast me haar moeder is. Er komt nog een vrouw bij, aha, het zijn vast twee zussen die met hun moeder samen zijn. Ze praten niet hard, maar toch wat te druk naar mijn zin, ik zie ze lachen, in de luchtbellen prikken van het badpak van hun moeder, ze zeggen plagerig: wat heb je nou daar? Het gebubbel word ik zat. Ik laat de stenen rand los en het bruisende water drukt me terug door de opening, ik draai me op mijn rug, laat me meenemen door de stroom en dobber het rustige water van het omringende bad in. Ik ga bij de masserende waterstralen staan, zwaai even naar een van de stellen die vandaag hier in het omliggende park van het kuuroord bij mij wat tai chi oefeningen hebben gedaan.

Terwijl ik mijn voetzolen voor een van de waterstralen hou hoor ik achter me heftig geplons en als ik omkijk zie ik nog net de oude vrouw boven water gehesen worden door een van de dochters. Ze grijpen haar vast, houden haar boven water, vragen onthutst: “ma, wat doe je nou?” en “wat gebeurde er?”, half lachend, verbaasd.

Ondertussen snakt de oude vrouw naar adem, haar grijszwarte haren liggen glad en vol water over haar gezicht en belemmeren haar ademhaling en ze strijkt de haren van haar gezicht, haar ogen dicht, haar mond afwisselend opengesperd en blazend, zich tegelijkertijd met een andere hand weer vastklampend aan de betegelde rand. Ze kan niets zeggen, hoest benauwd, haalt moeizaam adem. Iedereen in het omringende bad kijkt naar het tafereel, ik sla van de weeromstuit een massagestraal over, sta in de startblokken om hulp te halen. Wat gebeurde er nou ma, herhaalt een van de vrouwen.

Ik was opeens weg ..... ging onderuit ..... mijn voeten, mijn voeten zaten vast ..... geen lucht meer, hapt de oude vrouw. Haar dochters blijven een beetje lacherig doen, maar de oude vrouw schudt nee voor zoveel opgelegde ‘er is niks aan de hand-vrolijkheid’, zegt: ik wil eruit. Het lijkt of de dochters dat nog niet willen, ze kunnen nog zo’n tien minuten voordat de dertig minuten die je maximaal in het bad mag doorbrengen zijn verstreken, maar moeder dringt aan: ik wil er uit. Nog zie ik geen beweging in de dames, een oude hand komt boven en maakt grijpbewegingen in de richting van de onderbreking van de rand van het bubbelbad: eruit. Ik krijg medelijden met die oude vrouw, waarom luisteren die dochters niet direct verdomme. Nu begint de vrouw zich een weg te banen door de krachtige bubbels heen en ze helpen haar goddank direct. Langzaam vertrekken ze, hangen dan nog even in de rustige luwte aan de rand van het kuurbad en bewegen zich dan heel rustig naar de brede stenen trap die uitkomt in het gebouw van het kuuroord.

Ik wil het bad ook uit, laat me naar de trap drijven. Als ik de trap oploop zie ik dat de dames net de trap hebben bestegen, hun moeder helpen, haar een badhanddoek omslaan. Ze staan daar heel stil, zeggen niets.